Wraking mr. B.J. van Ettekoven
Bestuursrecht als repressieve tolerantie. Het bestuursrecht van mr. B.J. van Ettekoven is een belediging van de weldenkende en betrokken burger.
Op 8 maart 2009 heb ik de rechtbank Utrecht verzocht mr. B.J. van Ettekoven in de beroepszaak Winkelgebouw Vredenburg-Noord te vervangen, omdat er naar mijn oordeel meer dan voldoende redenen zijn om aan zijn onafhankelijkheid te twijfelen en de rechterlijke onpartijdigheid daardoor schade lijdt.
De eerste directe aanleiding is het feit dat Van Ettekoven op zeer korte termijn een vervolgzitting agendeert (ik had op die vervolgzitting aangedrongen) en weigert rekening te houden met mijn verhindering, de vervolgzitting dus laat plaatsvinden in de wetenschap dat ik daar als raadsman niet bij kan zijn. Dat maakt de vervolgzitting ongetwijfeld een stuk eenvoudiger, maar het belang van mijn cliënt wordt er uiteraard aanzienlijk door geschaad.
De tweede directe aanleiding is dat Van Ettekoven een belangrijk bezwaar tegen het Winkelgebouw weigert te behandelen, namelijk de dreigende overbewinkeling. De Stichting Zelfstandige Ondernemers Utrecht, waar ik als raadsman voor optreed, heeft becijferd dat er in de regio Utrecht tot 2015, alles bij elkaar opgeteld, een uitbreiding van het winkelvloeroppervlak wordt gerealiseerd van 86,3% (371.600 vierkante meter), terwijl de bevolking in de regio in diezelfde tijd toeneemt met niet meer dan 7,8%. Normaal gesproken vraagt een rechter de gemeente om gemotiveerd op zo'n argument (en de uitvoerige notitie) te reageren. Dat vond Van Ettekoven niet nodig, het bezwaar hoefde wat hem betreft helemaal niet behandeld te worden: "De rechtbank acht zich voldoende voorgelicht."
De derde directe aanleiding is dat Van Ettekoven tot een inhoudelijke behandeling besluit, terwijl het besluit op bezwaar waartegen het beroep zich richt niet of nauwelijks ingaat op de gedetailleerde bezwaren van de Stichting Stop Luchtverontreiniging (SSLU) en het Bewoners Overleg City Project, die voor het gemak door de gemeente niet-ontvankelijk waren verklaard. De SSLU was kort tevoren door zowel de Raad van State als de rechtbank wel als belanghebbend aangemerkt. Van Ettekoven had de gemeente dus zonder veel omhaal moeten opdragen het besluit op bezwaar over te nemen en daarbij alsnog inhoudelijk in te gaan op de bezwaren van de twee stichtingen. In plaats daarvan krijgt de gemeente de gelegenheid om met stukken en berekeningen het besluit op bezwaar alsnog te onderbouwen. Een besluit op bezwaar dient 'ex tunc' beoordeeld te worden. Ook de appellant krijgt niet de gelegenheid zijn bezwaar of beroep te repareren.
Kortom, het heeft er alles van weg dat Van Ettekoven het Winkelgebouw er snel even door wil drukken. Er moet weer bestuurd kunnen worden in Nederland en bezwaarmakers zorgen maar voor vertraging!
Een verzoek tot wraking doe je niet zomaar. Van Ettekoven geldt als een zwaargewicht: van 1992 tot 2002 rechter en vice-president van de rechtbank Amsterdam, van 2002 tot 2007 staatsraad bij de Raad van State, eind december 2008 benoemd tot hoogleraar bestuursrecht aan de UvA. Eind 2007 stapte Van Ettekoven over naar de rechtbank Utrecht om daar bestuursrechter en vice-president te worden (wat hij eerder al bij de veel grotere rechtbank Amsterdam was, voordat hij opklom tot het hoogste wat je in de bestuursrechtspraak kunt bereiken: staatsraad). Van Ettekoven, voorzitter van de vereniging van bestuursrecht, is een bijzonder intelligente man, die er tijdens zittingen altijd blijk van geeft alles goed gelezen te hebben. Voordat je bij zo iemand de beslissing neemt dat dit de druppel is die de emmer doet overlopen, loop je heel lang rond met de vraag: het zal toch niet waar zijn?
Anders dan de gangbare opvatting daarover ben ik van mening dat een zorgvuldige analyse van uitspraken uitsluitsel moet geven over de onafhankelijkheid van de rechter. Ik ben niet geïnteresseerd in hoe netwerkjes in elkaar steken of welke rechters lid zijn van de PvdA of het CDA of de plaatselijke golfclub. Het is net als in de wetenschap: een zekere vooringenomenheid en sociale beïnvloeding valt nu eenmaal niet uit te sluiten en hoeft ook helemaal geen probleem te zijn, als de argumentatie maar transparant en falsifieerbaar is. Ik verwijs naar Conjectures and Refutations van Karl Popper. Alleen de uitspraak levert het controleerbare bewijs van de onafhankelijkheid van de rechter: heeft hij alle feiten en argumenten die door partijen zijn aangedragen zorgvuldig beoordeeld? Elke andere opvatting komt erop neer dat wij vertrouwen moeten hebben in de autoriteit van de rechter. In een democratie met mondige burgers moet de onafhankelijkheid van de rechter bewezen worden door een transparante en goed gemotiveerde uitspraak, die precies laat zien wat de rechter met de feiten en de argumenten heeft gedaan. "Geef mij de feiten en ik geef u het recht," aldus Van Ettekoven in zijn bijdrage aan het Jaarverslag Nederlandse Orde van Advocaten 2007. Maar de rechter behoort zich niet te gedragen als een black box, waardoor je niet kunt controleren hoe hij van de feiten tot de uitspraak is gekomen. En daar zit nu bij Van Ettekoven precies het probleem.
Van Ettekoven is behalve vice-president ook adviseur kwaliteit. Hij onderzoekt wat nodig is om de kwaliteit van rechters en ondersteunend personeel op peil te houden dan wel te verhogen. "Het gaat dan bijvoorbeeld over het niveau van uitspraken...", aldus Van Ettekoven in de eerder aangehaalde bijdrage. Welnu, de uitspraken van Van Ettekoven zijn van een mateloze oppervlakkigheid. Ik heb alle bestuursrechters in Utrecht zo'n beetje gehad, maar Van Ettekoven is kampioen in het gebruik van dooddoeners als "appellant heeft verzuimd zijn stellingen met deskundig onderzoek te onderbouwen", "het is de rechtbank niet gebleken dat verweerder op een wijze heeft gesaldeerd welke in strijd is met de regelgeving" (zonder in te gaan op de uitvoerige kritiek die tijdens zittingen naar voren is gebracht). "Dat de verkeersgegevens bij de eisers en de StAB de nodige twijfels oproepen is onvoldoende om te oordelen dat de door verweerder berekende intensiteiten onjuist zijn (...) Daarbij is betrokken dat de twijfels niet zijn onderbouwd met gegevens die op een gedegen onderzoek berusten." De "nodige twijfels" worden in de uitspraak niet genoemd, laat staan besproken (SBR 08/218 Utrecht). Wie wil weten wat Van Ettekoven onder kwaliteit verstaat, moet ook de uitspraak 2005068471/1 (A2 Spoorlijn-Hogeweide) eens bekijken. Veel werk is dat niet.
Van Ettekoven representeert het soort bestuursrecht dat het beste te kwalificeren valt als repressieve tolerantie. De mondige burger mag best bezwaar maken en beroep instellen. Het is goed dat de kritische burger de gelegenheid krijgt om doorwrochte en goed gedocumenteerde stukken in te brengen, want serieuze bezwaarmakers zijn geen onruststokers en het bestuderen van documenten en het schrijven van stukken houdt ze van de straat. Maar als je de uitspraken van adviseur kwaliteit Van Ettekoven leest, dan blijkt wat de bedoeling is. De kritische burger moet het gevoel hebben dat hij er alles aan gedaan heeft en dat er recht is gedaan door een onafhankelijke rechter, maar Bouwend Nederland moet wel verder. Een stortkoker bij de rechtbank neerzetten met het opschrift "Stukken aub hierin deponeren" geeft de burger niet het gevoel dat er serieus naar zijn bezwaar en beroep wordt gekeken en daarom vindt er een deftig ritueel plaats, waarbij hij aangehoord wordt. Op de uitspraak heeft dat evenwel geen enkele invloed, van zijn argumenten is in de uitspraak geen spoor te bekennen. Het bestuursrecht van mr. B.J. van Ettekoven is dus een belediging van de weldenkende en betrokken burger.