Psychisch gestoorde politiek

 

Als ik de foto’s bekijk van Rutte die als een weldoener op bezoek is in een vluchtelingenkamp maar (net als Samsom) er ondertussen voor ijvert dat vluchtelingen worden teruggestuurd naar Turkije en dus andere routes over zee gaan proberen, waarbij duizenden en duizenden vluchtelingen verdrinken, kan ik de gedachte niet onderdrukken dat wij door Psychopaten  worden geregeerd.

Vlak na WO II hielden psychoanalitici als Erich Fromm en Karen Horney zich nog bezig met de vraag hoe het komt dat massa’s van mensen achter regeringsleiders aanlopen die meer of minder ernstig gestoord zijn. Wat ik mij herinner van Karen Horney’s boek ‘De neurotische persoonlijkheid van deze tijd” (1951) is dat ze 3 types onderscheidde. Eén daarvan was het bazige type.

Dat bazige type probeert onzekerheid en een gebrek aan zelfvertrouwen te overwinnen door overal de baas te spelen. Op die manier kan hij mensen dwingen om hem aardig te vinden of hem desnoods te vrezen. Hoe die andere types heetten weet ik niet meer, maar ik kan me herinner dat je ook nog zoiets had als het onderdanige type. Dat zijn de meeste.

Dat onderdanige type heeft voor zijn onzekerheid een andere oplossing: het schikt zich naar die bazige types want dan loopt het de minste risico zelf het slachtoffer te worden van pesterijen van die bazige types en zolang ze naar hun pijpen dansen profiteren ze bovendien een beetje mee.

Van David Owen, minister onder Blair en psychiater, is het boek ‘Zieke wereldleiders’. De strekking daarvan komt aardig overeen met de analyse van Horney. Volgens Owen zijn alle wereldleiders meer of minder gestoord en zitten ze voortdurend onder de dope om nog een beetje normale indruk te kunnen maken op het volk.

Een interessante vraag is: maakt macht leiders gek of moet je gek zijn om macht te willen? Waarschijnlijk is het allebei het geval. Als je in hoogheid bent gezeten en niemand spreekt je tegen is de kans groot dat je jezelf gaat verheerlijken. Maar het omgekeerde is ook waar. Wat al die ego’s doen om belangrijk te worden wijst op een gestoorde persoonlijkheid.

Volgens Owen gaf Blair zijn medewerkers de opdracht om 10 thema’s te bedenken waar hij zich populair mee kon maken. Of hij daar zelf een mening over had was kennelijk onbelangrijk. De standpunten die politici hebben als ze eenmaal de baas zijn, zijn dikwijls tegengesteld aan de standpunten die ze hadden toen ze nog in de oppositie zaten of nog jong waren.

Voor aspirant politici is links of rechts vaak een kwestie van berekening. In een tijd dat bijvoorbeeld GroenLinks in de lift zit melden zich veel ambitieuze studenten aan voor GroenLinks. Zo ken ik iemand die op Clingendael studeerde (buitenlandse betrekkingen) en speeches voor de minister van Verkeer schreef maar bij nader inzien inzette op milieu en een links politica werd.

Voorwaarde voor succes in de strijd om macht en volksgunst is het vermogen om idealistisch en gedreven over te komen. Als de keuze voor idealen een kwestie van berekening is (‘geef mij 10 thema’s waar ik mij populair mee kan maken’), dan komt het dus vooral aan op het vermogen om idealisme overtuigend voor te wenden.

Overtuigend idealisme voorwenden zonder daarnaar te handelen, als je daar goed in moet zijn om in de politiek omhoog te komen, dan moeten we mét Horney en Owen vaststellen dat de bazige types die ons regeren meer of minder gestoord zijn. Evenals, om niet te vergeten, al die de onderdanige types die die bazige types de kans geven om aan de macht komen en te blijven.